Te gast: Annie Reniers

Ik vind het een vreselijk teken aan de wand dat enkel uitgeverij P zich waagt aan de uitgave van deze poëzie. Ze verdient een plaats bij een grotere uitgever maar krijgt die daar niet. Arme, grote uitgevers. Ik ga niet in op de persoonsgegevens van deze prachtige dichteres en indrukwekkende hoogleraar esthetica. Wie haar ooit ontmoet heeft en heeft horen voordragen, is behalve geschokt ook helemaal verloren.  Twee gedichten hier:

 

het ogenblik is
even de slag van een regen
en de trots van een bron
in de enkelvoud vuur
of zintuig of bloed
en het even glas
helder onmeetbaar
voorhoofdspunt
door wijdopen
wimpers gedragen

het woont in uw tijd
het verzamelt de dorst
en de oogst en het ja
en het nee op uw weg
het groet de tekens
van de open de gesloten hand
een herkennende groet
maar dit weet u alleen
en ineens als het ogenblik is:
het alles is één


 

het vuur in het riet
wordt knetterend springen van vogels
en de adem vat vuur van hem
die heenpendelt naar het riet

en van het riet weg geheimzinnig
fluisteren van kleuren terwijl de vleugels
knipperend over het rietveld schijnbaar weg-
wiegend

weer in het midden
naar het stengelgeheim het lijnenwoud
hun intrek nemen bewegend heen en weer
verspringend terwijl het oog van het water

in het midden rust

 


Mij valt meteen op dat ze geen interpunctie gebruikt. Ik ben daar lang een aanhanger van geweest en toch heb ik dat opgegeven. Had ik dan ongelijk? Nee, geen interpunctie levert de poëzie op haar best op papier. Zo zal Annie bij het voorlezen tussen ‘het stengelgheim’ en ‘het lijnenwoud’ een korte adempauze inlassen bij wijze van komma. Haar streven naar harmonie is het mijne, al bewandelen wij beiden andere paden. Maar we komen elkaar vaker tegen. Ook hier dus. Dames en heren, zoek die bundels op.

Advertenties