Ik ben er vandaag achter gekomen dat Glenn Gould gestorven is


Wie mij een beetje kent, weet dat ik geen hoge pet op heb van verwarring. Tenzij op tijd en stond, als d’avond valt en zo.

Gisteren was er op radio Klara de hele dag, of toch een groot deel van de dag, sprake van Glenn Gould. Die jongen speelt vrij geniaal piano, als ik dat zo hoorde. Een beetje rebels, moet kunnen als je jong bent.

Maar dan hoorde ik dat hij in volle koude oorlog in Moskou is gaan spelen. Die koude oorlog is al een tijdje voorbij, dus moet die jongen zo jong niet meer zijn.

En toen hoorde ik Monique Delvaux, die preventief in Noord-België is gaan wonen, spreken over het Gouldmuseum in Toronto. Ik vond dat fijn dat zo’n jonge snotter al een museum heeft. Kortom, ik vond het allemaal zeer tof en fijn. Ik kon niet anders dan denken dat die Glenn een wat punkerige twintiger is in de klassieke muziek, die daar het behanggehalte van die muziek naar beneden haalt en vervangt door gevleugelde losbandigheid. Aan de vleugel, inderdaad. Tot ik op  Wikipedia las dat hij al zo goed als dertig jaar dood en overleden is. Aan een beroerte.

Help, de Indianen komen, nog erger: ze zijn hier al


Een cowboyverhaal?

Kijk in principe ga ik niet wekelijks, niet maandelijks zelfs niet jaarlijks naar het Mugkak, ook wel het Museum voor Hedendaagse Kunst in Antwerpen bij Bart D. langs. Ik ga daar hooguit sporadisch. Voor Jimmie Durham maakte ik een uitzondering, dat ‘werk’, nou ja: spel, wou ik zien. Ook al hangt en staat het dan in de Mugkak, bij Bart D.

 

Doe Durham is eigenlijk geen kunstenaar, hij maakt wel eens iets maar maakt daarna iets anders en dan weer iets anders. Hij maakt ons eigenlijk iets wijs. Heet tegenwoordig verstaatsing of staatementering. Of zoiets. Let wel: hij speldt ons niets op de mouw.

 

Er liggen vijf stenen. Een ligt geheel links, drie liggen in het midden, de vierde ligt geheel rechts. Die in het midden zouden heel graag iemand of iets zijn: een dokter of een kunstenaar. De vijfde steen is gewoon een giraf. De eerste steen zou dan weer heel graag een vis zijn en is dat geworden, dankzij een kleine ingreep van Jimmie Durham.

 

Zo’n werelddorpsgek – zo wereldwijs en dorpsgek tegelijk – loopt dan wel het gevaar nogal ver te gaan in zijn wijselijkheden en in wijsgerigheid te vervallen. Zo ook in zekere en gelukkig beperkte mate Jimmie Durham. Dat de wereld bijvoorbeeld best wel zonder onze uitlegging ervan kan. En zelfs beter af zou zijn.

 

Anderzijds om niet altijd met de vinger te worden gewezen: kijk, die gek daar!, flirt Durham ook al eens met de kunst. Enerzijds zie je een reeks pijpen, van allerlei slag en soort, genaamd: dit zijn pijpen, opgedragen aan René Magritte. Anderzijds zie je nagenoeg dezelfde pijpen als de moordwapens van commissaris Maigret.

 

Ik was weliswaar wat gecharmeerd door die pijpen – ik heb dan ook jaren pijp gerookt, tegen Magritte in en met Maigret mee. Maar ondersteboven was ik pas door die stenen. En door die eigenaardige geografie van België, ingedeeld volgens de manier waarop de inwoners hun huizen bouwen in vergelijking met het landschap of in een vergelijk ermee.

 

Uit de officiële uitleg:

Jimmie Durham is één van de invloedrijkste kunstenaars van vandaag. Al twintig jaar staat zijn werk wereldwijd in de belangstelling. Het is diepgaand en toegankelijk, politiek en persoonlijk, en zowel ‘van het moment’ als dat het de gangbare tendensen overstijgt. Het raakte in de loop der jaren verschillende generaties en Durham beïnvloedt kunstenaars, curators, theoretici en kunstliefhebbers met zijn tentoonstellingen en boeken, maar ook door middel van zijn activiteit als leraar.

 Mooi staaltje van verpakkingindustrie.

 

Tijd voor het einde


het is volop economische crisis, we zijn officieel aan een recessie toe. We hoeven er niet van wakker te liggen maar voor sommigen is het toch moeilijk slikken. Ik mag er niet aan denken. Integendeel, ik denk aan landen waar het ondertussen dikke crisis is, zoals in Syrië, Wit-Rusland, Zwart Rusland (dat vroeger rood kleurde) en zelfs Cuba. Tegelijk wil ik ook mezelf blijven, me niet verliezen in nog een andere crisis, de identiteitscrisis. Nee, ik ben zowel Marxist, in broederschap dan wel te verstaan, zie de Marx Brothers, als Zappatist, zie Frank Zappa. Ik vertaal het als tijd voor het einde.

Vetgans zit vastgebonden

Gebruiksaanwijzing van de lyriek


Een redevoering te boek gesteld

Auteur: Paul van Ostaijen

Voorstelling van het boek op 10 oktober 2012

Plaats van het gebeuren: galerie de Zwarte Panter, Antwerpen

 

De tekst dateert uit de jaren ’20 van de vorige eeuw. Zelf heb ik hem in de jaren ’70 op ongeveer twee jaar tijd, drie keer gelezen. Nu nog blijk ik ganser stukken te herinneren. Paul, enfin zijn genootschap vooral, had voor de gelegenheid een eigengereid en zeer innemend duo bij, dat op ongewone manier jazz bracht: de ene zong en de andere begeleidde op gitaar. Onder de aanwezigen was er gelukkig Jean-Emile Driessens en verder Mathijs de Ridder, vanuit de spleet Henri-Floris Jespers en ander schoon volk waarvan de namen me niet bekend zijn.

De uitgever, een Nederlander uit Limburg, wiens huis Huis Clos heet, vond ik zeer innemend.

WordPress, ach com


De dagen van dit blog zijn geteld, beste lezer – surfer. Het zat vroeger bij MSN, sinds een tijdje bij wordpress.

Zondag zag ik in Sint-Niklaas de dichters Paul Bogaert en Luc Laureysens in Japan via Skype samenwerken op een webstek. Die bleek bij wordpress te zitten.

Ik vroeg na afloop aan Paul Bogaert naar meer details. Met die details ben ik erachter gekomen dat wordpress, ach com, inderdaad gratis webstekruimte en -ontwikkelmogelijkheden biedt. Eerdaags ga ik dus zover en hou ik op met dit blog. Een webstek is zoveel aantrekkelijker en veel makkelijker te raadplegen.

Volksliederen


Het volkslied, ooit een nationaal gegeven, doet het hoe langer hoe minder goed. Ook gekend als nationale hymne, zingt het volk het hoe langer hoe minder.

Zelf zing ik het begin nog mee: o bierbaar België, o heilig land der vaderen, moederen en kinderen

Verder kom ik niet omdat ik dan al uit de toon val.

Geef toe, de tekst is niet alleen verouderd, hij slaat gewoon nergens op. Als liefhebber van België heeft Geert van Istendael een aangepaste tekst bezorgd, die we gemakkelijk in de mond kunnen nemen. Knack heeft het lied gepubliceerd. Let wel: aan de muziek is niet geraakt.

Of er een Franstalige versie van bestaat, is niet zeker.  

  O België lief, o land van mist en regen,

van fermette en eeuwig compromis

het is nu tijd om te juichen aherwegen

leve onze tripel monarchie!

Zoen elkaar gij Vlamingen en Walen

Bevrijd u van oude strijd en nijd.

En  zing dan blij in al uw mooie talen:

Voor bier, voor friet en chocola (driewerf)