Hoe maak je een mens gerust?


Hoe maak je een mens gerust?

 Het hoeft niet veel te zijn. Je kan een mens blij maken met een geschenk. Blij is echter niet gerust. Gerust ben ik als iets blijkt te kloppen. U toch ook?

Mijn schrijversnaam bijvoorbeeld heb ik ontleend aan een van mijn eerste gedichten. “Een trap in dieftestal” staat daar te lezen (in: “Wie herinnert zich nog het dorp? De autowegen”).

Ik heb die naam helemaal aangenomen toen ik een man ontmoette die als schuilnaam Largot droeg. Hij heeft me toen de raad gegeven te gaan voor mijn schrijversnaam.

Wat blijkt nu? Die man heeft twee zonen en een dochter. Hij is na verschillende pogingen om te verdwijnen en nadat hij telkens toch weer even terugkwam, vrij voorgoed en ver genoeg verdwenen. Hij leeft nog maar vraag niet waar.

Via het grote smoelenboek, in de volksmond zo genoemd en elders gewoon feesboek, heb ik nog enig contact, zij het gestoord, met een van die zoons. Tijdens een van die gestoorde contacten kreeg ik te lezen dat ik mijn schrijversnaam niet zozeer ontleend heb enz. (zie hiervoor) maar gewoon… gejat. Van zijn vader.

Op andere plekken is mijn schrijversnaam gewoon ingekort en heet ik Thief. Soms gewoon Tief. Vandaar naar jatten is een kleine stap. Tja, als je de thaal laat vallen, kom je er wel en klopt het weer allemaal. Een heuse geruststelling.

Ik had ook zoiets toen ik in Ruigoord de as van Herman J. Claeys, dichter en taalkundige en vriend, zag uitstrooien. Die as had ik naar daar gereden. Ik had jaren met Herman gesprekken gevoerd, glazen gedronken en op de duur zelfs zijn Muzenval helpen opzetten. Het is mis gegaan met die laatste, die Muzenval dus, toen daar op een dag een exemplaar in beland was dat de zaak meer kwaad dan goed deed. Maar dat heeft Herman niet belet me te vergasten met een hemelsbrede glimlach op het feest dat hij in café Dolle Mol in Brussel gaf tien dagen voor zijn overlijden. Ook dat klopte toen.

Is de rest dan geschiedenis en is geschiedenis dan toch vaak roddel?

Bij zijn afscheid kregen we dit nog mee van herman j. claeys

Een afscheidsgedicht van Herman J. Claeys

Gezwel

De minst correcte vorm van humor

is spotten met je hersentumor,

vooral als die kwaadaardig is

en bovendien slagvaardig is

en onverwoestbaar:

“terminaal” in radiotherapeutentaal.

Waarom men mij dan blijft bestralen?

en ook nog chemisch wil verschralen?

Omdat verplegers willen scoren

en hun patiënten ringeloren,

en als ik door zo’n tunnel glij

graag grapjes maken over mij,

waarmee ik dan niet lachen kan

want ik lig roerloos aan de scan.

Mijn uitvaart heb ik al geregeld

en zelfs mijn grafschrift is bezegeld:

 

HIER LIGT

DE DICHTER

H.J.C

IN GOED GEZWELSCHAP

R.I.P.

Advertenties

Nog meer klimaatverandering?


Zouden de mode-ontwerpers gehoopt hebben op een inslaande bom? Of zaten ze op iets anders te spinnen?

Het zag er eerst onschuldig uit. Het was zomer en dan willen vrouwen al wat korter gekleed lopen. In antwoord op de vraag: laat eens zien. We waren daaraan al wat gaan wennen. Er bestaan zelfs liedjes over.

Op een dag liep een man van meer dan zeventig jaar door de supermarkt te struinen in een broek waarvan de pijpen tot onder de knie leken afgesneden. Daarna kon het niet meer op en liep het helemaal los. De lelijkste kuiten kregen we te zien. Nooit hadden we kunnen vermoeden dat er onder ons zoveel steltlopers rondhossen.

Daar krijg je grote vragen van. Komt de klimaatverandering dan toch op kruissnelheid en staan binnenkort nog meer kelders onder water? Het blijft een open vraag. Ze doet denken aan cabrio’s die met open dak rijden door de mist. Hebt u ze nog niet gezien? Of lieden die in korte mouwen de straat op lopen, zonder jasje noch overjas, bij vijf graden boven nul.

Of wil men de man verder afbouwen? Je kent dat gezeur van het wijf, dat de man een klein kind is. En zie nu, ziet hij er zo niet uit?

Uiteindelijk kan natuurlijk ook de onsterfelijkheid lonken, onsterfelijk belachelijk.

Wat staat er de wereld nog meer te wachten?


Donderdag 12 mei 2011, om 17.3u0, vindt tijdens een receptie de prijsuitreiking plaats van de allereerste Herman J. Claeys-Prijs 2011.

Namens de voorzitter van de jury, Henri-Floris Jespers, zullen de eerste drie laureaten hun prijs overhandigd krijgen, en zullen enkele laureaten een vermelding ontvangen.

Deze receptie gaat door in de kelder van De Groene Waterman, Wolstraat 7 te 2000 Antwerpen, tussen 17.30 en 19u.

Aansluitend zal in literair-artistiek café Den Hopsack, Grote Pieter Potstraat 24 te 2000 Antwerpen, de 150ste Muzevalavond plaatsvinden met gastdichter Pom Wolff (zie pomgedichten bij de links). Aanvang 20u.

Hoezo postuum?

Voor jou mijn ouwe strijder

een woord van dank en ter herinnering

Geef hem van katoen, die opperklerelijer

en maak hem Zweeds of diets

dat niet hij maar wel die andere

die andere met de zeis

hoogst verantwoordelijk is

voor de Herman J. Claeysprijs

Jo Peeters   San Piero in Bagno   12-05-2011   11.38u