Er is geen heengaan aan


Een tijdje voor hij is heengegaan, Hugo C., had mijn vriend Guy Vandenbranden, die C. regelmatig zag, om de hoek, me verteld dat C. zich erover beklaagde dat niemand nog zijn gedichten lustte.

Guy mag niet klagen. Op zijn stokoude dag vinden zijn schilderijen nog altijd hun weg naar galerie en musea, onder meer in Polen.

Maar mocht C. zomaar klagen en waar had Guy zijn info vandaan?

Met die vragen ging ik naar huis, zoveel jaren geleden alweer.

Tot vandaag, op radio 1. Daar krijg je elke zondag om negen uur iemand te horen over de boeken die zijn of haar leven hebben bepaald. Vandaag was dat ‘onze Andy Warhol’, zoals ik hem ooit heb genoemd bij onze eerste ontmoeting: Jef Lambrecht. In die uitzending kregen we een fragment van het laatste interview te horen en meteen ben ik het hele gesprek gaan horen. Dat was dus Guy’s bron.

11_r1_vand_Claus_laatste_intervi

Jef heeft altijd iets aparts gehad. Net niet zo koel als Freddy de Vree, een man ook uit verschillende stukken, die je zelden – als in een kubistisch portret – samen te zien en te horen krijgt.

De kubistische kunstenaar brengt ze kunstmatig samen. Heeft Hugo C. dit ook in een ooropslag gemerkt, toen Jef, zonder het boek van C. te hebben gelezen, hem daarover kwam interviewen? Of had Jef de ander ontwapend door meteen met de deur in huis binnen te vallen en te zeggen dat hij het boek niet gelezen had?

 

Want voor Jef was het zo begonnen: hij ging Hugo C. interviewen (het eerste interview) over een boek dat C. geschreven had, het verdriet van België. En Jef viel meteen met de deur in huis bij C. Zei dat hij het boek niet gelezen had. Kon C. niet schelen.

Of wist C. toen al dat dit boek zijn meest verkochte & minst gelezen zou worden? Je ziet, er blijven nog vragen genoeg over.

Advertenties