>Incorporé


>
Ce n’est pas dû au feu que le soleil
nous éclaircit, nous rougissons de froid.
Le travail couronné ne nous advient
que lorsque la corde se casse.

À quoi ressemblerai-je, autrement,
comme s’il s’avérait clairement
que le revoir s’approche?

Ainsi tu es venue, tu continues
à sortir des brumes, pas autrement
que rouge, au matin le soleil.

Grâce à quel feu nous voyons
le soleil se lever, couronner le jour.

Advertenties

Stilte bij nacht doorbroken


Nocturne

 

Hoe het weer uit- en afloopt,

valt aan de wolken wel te zien.

Als er van het cliché even wat

uit- of afloopt, vallen soms

 

vonken uit naar een baal stro.

Haal ik naar je uit, haal ik

je weer aan. Het drukt me

immer tegen je aan dat er,

 

ondanks de wind, nog wolken

zouden beklijven. De wasem

 

tegen de ramen houdt

het maanlicht niet tegen.

Al is het hier even stil


op andere vlakken beweegt het wel (verhuizen, bijvoorbeeld; schil- en schilderwerk) en vooral in het Frans…. Binnenkort meer nieuws.
 
Meermaals vraagt een mens zich af wat woorden zoal doen, bijvoorbeeld in poëzie. Ze vinden het best mooi maar kunnen niet altijd volgen. Zal ik mijn lezer beteren?

>Biographie


>
Né à Menin en 1953
Licencié en philosophie
Emploi actuel: traducteur
(le poète dans la tradition romantique se voulant maudit, j’écris dans une autre tradition, celle de la poésie blanche. Dans cette tradition, il est normal qu’un poète s’intègre dans la société. Voir par exemple Wallace Stevens, récemment traduit en français)

Vit à Temse (près d’Anvers)

Bibliographie
Début à la radio (3e chaîne, dite culturelle) en 1977 et 1978 dans un programme appelé ‘Foon’, émission de poésie musicale et de musique poétique. Production Karel Goeyvaerts et Freddy De Vree.

Poèmes:
° Publication en néerlandais en 1979 d’un recueil intitulé “Qui se souvient encore du village? Les autoroutes” par la galerie Half maart à Leuven
° Ayant vécu et travaillé pendant trois ans sans écrire, reprise en 1984 par la publication d’un cycle ‘rondoods’ (rondo mortel) lors d’un événement multidisciplinaire au château de Woluwe, près de Bruxelles
° Publication de poèmes français dans la revue des arts et de la poésie internationale des avant-gardes, Tempus Fugit (1985 – 1988)
° Publication dans la revue Brutaal (lalangue bruxelles) de poèmes et d’essai en tant que membre de la rédaction (1997 – 1998)
° Publication d’un recueil “Landinwaarts, van uiterzijde” (Vers l’intérieur du pays, par l’externe), janvier 2006, éditions Litera este

Essais:
° Essai sur le degré moyen dans la poésie moderne intitulé “Bon gré mal gré, bon grain mal grain”), publié à l’Université de Leyden (Pays-Bas), introduisant Jacques Lacan et Henri Michaux (1986)
° Monographie sur le peintre Guy Vanden Branden (50 ans de constructivisme: ), 2000, éditions Pandora, Antwerpen
° Essai sur la possibilité d’énoncer par le langage ou les trois niveaux dans la langue, publié dans la revue Brutaal, 1998 (il s’agit d’une mise à point d’une contribution à l’université dans le cadre du cours de la philosophie du langage concernant le zen (bouddhisme) et la philosophie du langage

Membre des cercles de poésie Hopsack (café littéraire), Muzeval (poésie au café), Vers Geschild (fraîchement épluché, poésie au restaurant)

Ministre des Affaires caustiques et humouristiques au cabinet d’ombres chinoises (1988-1990)

Al zijn vragen banaal, soms zijn ze cruciaal


Er niet op antwoorden? Waar ontstaat poëzie?

Vooreerst Willem-Frederik Hermans. Nederlands schrijver. Verliet zijn land en ging in Parijs wonen. Verliet vele jaren later Parijs en ging in Brussel wonen. Fransen begrijpen niet waarom Nederlanders zo graag in Frankrijk willen wonen. Nederlanders dromen ervan, sommigen doen het gewoon. Hermans is niettemin een uitzondering. Hij is niet verder dan Parijs geraakt om er zijn surrealisme vorm te geven. Nu is surrealisme per definitie Belgisch. Dus vond hij zijn draai beter in Brussel. Hermans was door zijn geboorteland uitgespuwd omdat hij surrealist was, zouden we geneigd zijn te denken. Een Belg dus? Hij vond alvast enkele Belgen onder zijn trouwste vrienden.

Het menu van een restaurant wil aanzetten tot eten. Geeft het echter inspiratie voor een gedicht, is het dan meer of minder doeltreffend? “Onglet”

Het hoofd verhardt. En de nek? Pruilt hij of groeit hij? We komen nader tot poëzie. Poëzie kijkt naar een lichtjes gebogen nek, haalt de lijn eruit, herneemt die op zich en ziet daaronder hardnekkigheid die slechts zal blijken na gedaanteverwisseling. Er zijn overigens schilders die hetzelfde zien, tot zelfs huisvrouwen die het zien aankomen. De dichter kan overal zijn en hoeft niet altijd te schrijven.

Op het menu staat ‘onglet’ geschreven. De dichter komt voorbij, laat het menu voor wat het is (woorden) en gaat voorbij aan de lunch. Hij krabt zich in de haren: eet men reepjes? Hij zou zich daar het hoofd kunnen over breken, maar hij is niet in betaalde dienst en hoeft niet te weten of men reepjes eet en hoe: hij is vrij en componeert. Als hij in de compositie enkele passages verweeft uit de voorbije uren, zoals hij ze gezien heeft voor welke gedaanteverwisseling ook, komt hij uit bij de volledige dagschotel. De hoofdkok van het restaurant mag geen auteursrecht eisen, noch de dichter het zwijgen opleggen noch een andere wet. De voorbijganger komt thuis, vindt er de medebewoner, zijn echtgenote of echtgenoot, eet en schrijft.

(Andere cruciaal banale vragen die al dan niet een behandeling verdienen: zet de geur van frisse lakens aan tot vrijen? Of is het eerder de zweetgeur van reeds beslapen lakens? Het is de vraag Napoleon. Als een man geen mooie billen heeft, hoe trekt hij dan de aandacht van de vrouwen? Als een vrouw geen kontje heeft, hoe slaat ze dan een man aan de haak? En als de man aan de haak is, krijgt ze dan een kontje of ondergaat ze een andere gedaanteverwisseling?)

Klein duimpje 

De vingernagel verscheurt soms

wordt verscheurd, krabt de greep

die, slechts een strookje, toch

een boodschap draagt buiten enig weten

om. Wat doe je dan? Opkrassen?

.

Eerst de duimgreep? Bij uitstek

op bloem of van papier, krabt

zichzelf, haalt uit

naar wie voorbijgaat niet

naar wie inwoont.

.

Wat met de vingernagel? Enkel

van duimwege gaat het samen

anders scheurt hij af.

.

Op het strookje staat gegraveerd

ons te lezen buiten medeweten

van vingernagels, dat je beter

je hoofd kan krabben dan

er je hoofd over te breken.

>Quelques questions crucio-banales, comment ne pas y répondre et d’où naît la poésie


>

Tout d’abord Willem-Frederik Hermans. Écrivain hollandais, il a quitté son pays pour s’installer à Paris, qu’il a quittée à son tour pour se retirer à Bruxelles. Les Français ne comprennent pas pourquoi les Hollandais aiment tellement vivre en France. Les Hollandais en rêvent, certains le font. Hermans y a fait exception. S’il est allé jusqu’à Paris (et pas plus loin comme les autres Franco-Hollandais), c’était pour mieux développer son surréalisme. Toutefois, le surréalisme étant par définition belge, c’est à Bruxelles qu’il s’est trouvé mieux. Hermans, éjecté, craché par son pays natal pour être un surréaliste, c’est-à-dire un Belge au fond, comptait quelques Belges parmi ses amis les plus fidèles.

Le menu d’un restaurant vise à donner appétit. S’il donne inspiration à un poème, est-il plus efficace ou moins? L’onglet…

La tête dure s’entête, et le cou? Boude-t-il ou coude-t-il? Nous voici plus proche de la poésie. La poésie, observant un cou courbé légèrement, reprend sa ligne, sa courbe et découvre, sous-jacent, l’entêtement que l’on ne verra qu’après une métamorphose. D’ailleurs, il y a des peintres qui font le même, voire des femmes au foyer qui le voient arriver. Le poète peut se trouver partout et n’a pas toujours besoin de poèmes.

Le menu annonce un onglet, le poète passe, se passe du menu et du déjeuner, passe outre et se gratte la tête: mange-t-on des onglets? Il pourrait aussi bien se casser la tête, mais il n’est pas en service payant pour savoir si l’on mange des onglets et comment: il est libre et compose. Si dans sa composition, il tisse quelques passages des heures passées, tels qu’il les a vus avant une métamorphose quelconque, voire en pleine métamorphose, il arrive au menu complet du jour. Le cuisinier en chef dudit restaurant n’a pas le droit ni de réclamer des droits d’auteur, ni d’imposer la loi du silence, ni une autre loi. Le passant, arrivant chez lui, y trouvant l’habitant, se retrouvant à côté de son épouse ou de son époux, mange et écrit.

(Autres questions crucio-banales à traiter ou non: l’odeur fraîche des draps de lit incite-t-elle à faire l’amour? Ou est-ce plutôt l’odeur acre de sueur dont les draps sont trempés? C’est la question Napoléon. Si une femme n’a pas de fessier, comment attire-t-elle l’attention des hommes? Si un homme a les fesses toutes plates, attire-t-il l’attention des femmes?)

Petit poucet

Si c’est l’ongle, déchirant parfois

déchiré, qui gratte l’onglet,

portant son message à quelque insu,

que faire, sinon se casser?

D’abord l’onglet? À fleur

et à papier, il gratte lui-même

le passant, non l’habitant.

Et l’ongle, alors? Que le pouce

ne peut s’accorder sinon il se déchire.

Mieux vaut se gratter,

que de se casser la tête, voilà

ce que nous apprend l’onglet

à l’insu de l’ongle.

alarm in de centrale van de verpakkingsindustrie?


Via het Diependaele Instituut (zie link op deze blog) vernemen we dat de oorlog tussen verbruikers en verpakkingindustrie een nieuwe wending neemt.
De beurs laat anders ook rare bokkesprongen zien. Hoezo beurs? Welke beurs? Wel, het aandeel karton lijkt te zakken. Een belegger kan van die schaarste profiteren.’ Dat zegt Tobias Schmidt, productspecialist van DWS Investments, de vermogenspoot van Deutsche Bank in de Tijd. Het aanbod aan landbouwgrond wordt immers kleiner wegens de verstedelijking en de woestijnvorming." Tot slot is ook schone energie een belegging in schaarste.  Waar er dan weer te veel van is, is karton. De waarde van dat aandeel zakt dan ook zienderogen.
Soms lijkt het alsof de wonderen maar ook de mysteries de wereld nog niet uit zijn.