Zoals er een Russeltribunaal bestaat voor schendingen van de mensenrechten, valt er misschien voor te pleiten een tribunaal op te richten waar oneigenlijk gebruik van de poëzie kan worden aangeklaagd. Als niemand anders het wil, ben ik zelfs bereid mijn naam te geven aan deze fictieve rechtbank.
Waar gaat het om?
Recentelijk werd de poëziewereld geconfronteerd met oneigenlijk gebruik van de poëzie. Het meest voorkomende geval is man zoekt vrouw of vrouw zoekt man, schrijft wat hij of zij daaromtrent kwijt wil en kan en gooit dat dan op 1 of andere webstek die zich ongefilterd met poëzie inlaat.
Sommigen komen zelfs los uit die virtualiteit en gaan met hun schrijfsels de boer dan wel de boerin op tot ze vangen. Sommigen vangen bot, sommigen een man of een vrouw. Daar is geen tribunaal voor nodig: die pseudootjes verdwijnen vanzelf als ze eenmaal de ander hebben binnengehaald dan wel zijn binnengehaald bij de ander.
Bovendien vereist de vrede dat we deze mensen hun pleziertje gunnen en ze bedekken zichzelf wel met de mantel der liefde.
Erger is echter het geval Benders. Voluit heet hij Martijn Benders. Hij heeft op allerlei sites een link gekregen, zoiets als een inprint bij een uitgever.
Al die tijd schreef hij ronduit goede gedichten. Een ervan viel in een prijs en van toen af is het mis gegaan.
Hij waande zich meteen Dichter. Daarbovenop waande hij zich nog eens de beste. Daarop opende hij twee webstekken, een op naam en een op groep. Die groep noemde hij Loewak. Eerst was het een parodie op de communistische onrechtstaat, met een Doema en een presidium en zo. De paus van dat alles bleef netjes op de achtergrond. Tot Peter Wullen eruit moest.
Inmiddels was het de man immers gelukt een bundel te laten uitgeven en Wullen had er een vrij gunstige bespreking van gemaakt. Wullen behoort echter tot de Amsterdamse grachtengordel en kon het dus niet laten in zijn bespreking vlot ironie in te bouwen. Was dat nou net de reden waarom Benders uit Nederland was weggegaan. En gelijk heeft hij: onuitstaanbaar is die flauwe ironie waarmee die mensen zich zelf innemen.
Daarom zond hij Wullen voor onbepaalde tijd wandelen, zogenaamd met vakantie naar Moskou nog wel. Hier dient poëzie dus als reisagentschap. Zeer ongebruikelijk is dit en duidelijk oneigenlijk gebruik en op de koop toe concurrentievervalsing voor de hardwerkende reisagent.
Daarop doopte Benders zijn Loewak groep om tot alchemistisch genootschap. Ondergetekende en met hem reisgenoot Frank De Vos konden via Eric Rosseel, uit Brussel en die de overgang van communisme naar alchemie bij Loewak overleefd had, tot dit genootschap toegang krijgen en werden meteen erin opgenomen.
Uit een mail aan pomgedichten.nl
Eric (Rosseel) heeft me de link met Loewak doorgespeeld, net toen dit collectief alchemistisch werd (heel even?). Frank de Vos en ondergetekende werden plotsklaps verwelkomd en opgenomen in het collectief. Vervolgens werd eric daar met vakantie gestuurd (misschien kiest hij zelf wel zijn bestemming) en verdwenen Tiefenthal en de Vos even plots van Loewak als ze erop verschenen waren. Misschien word ik wel met vakantie naar Turkije gestuurd.
In een vorig bericht op dit blog kan de belangstelling koesterende lezer daarover nog meer lezen.
Welnu, het goede nieuws is: er is geen helemaal geen tribunaal nodig om oneigenlijk gebruik van de poëzie aan te klagen. Vanuit België is Loewak in het nauw gedreven en gesloten.
God, wat een kletspraatjes vond je daar terug een uur voor de stek verdween. Er werd hoog gepolemiseerd over de caravelle van Henri Michaux.
Benders was namelijk zo dom geweest Michaux in zijn gedichten te parafraseren, wat in poëzie neerkomt op plagiaat. De Belgen, bezeten als ze zijn door Michaux, hebben dit effe ontmaskerd. Ze hebben daarover een enorme boom opgezet op Loewak, ik denk een eik. Toen ging het e-winkeltje dicht.
Ik wil hierbij niet ontkennen dat een andere versie van de feiten kan opduiken, waarvoor ik zelf geheel verantwoordelijk ben. Ik had namelijk bij Benders een verwante ziel ontdekt, had een onaf essay gelezen over wat hij denkt over 11 september 2001 en daarbij verwezen naar mijn blog (al bij al valt het uit de hemel best mee).
Rosseel, De Vos en Tiefenthal verdwenen ineens uit Loewak.
Dit schreef ik toen aan Benders:
net toen het allemaal had kunnen beginnen, wat dan ook, broom om lood tot zilver en goud,
kreeg ik van eric rosseel te lezen dat Loewak de namen Tiefenthal en De Vos heeft geschrapt en de heer Rosseel wandelen heeft gestuurd. Eeuwige jachtvelden zijn er alsnog niet als wel langdurige vakantie.
Het werk gaat echter verder en voort, met of zonder Loewak.
Martijn,
ik ben net gaan bladeren in je essays. Ze zijn zeer strijdvaardig en liggen in de lijn van mijn denken en doen en laten. Je stijl echter werkt soms averechts: ik heb er moeite mee dat je pakweg de Verlichting in het licht, noorderlicht nog wel, van het platgevallen Nederland, o zo laag aan de val toe, afweegt.
In België hebben we alsnog op Klara elke zondag om 11 uur Rondas. Even dacht ik daar Loewak te mogen aan toevoegen. Allicht komen we elkaar nog wel ooit eens tegen.
Al deze vredestichtende woorden ten spijt, bleef Loewak overdonderd door allerlei vaartuigen zonder kop noch staart. En toen ging het dicht, ik kan het niet genoeg herhalen.
Besluit: wantrouw een Belg als hij zwetst. Zijn kletspraat heeft in 1830 geleid tot de verdrijving van de Nederlanders uit deze verenigde provincie. Zijn kletspraat heeft hij uitgeroepen tot surrealisme. Zijn kletspraat heeft Michaux gemaakt tot wat hij geworden is. Zijn kletspraat heeft Osama B. Laden zodanig geïnspireerd dat hij hier af en toe het weekend doorbrengt. Laatst was hij bij de familie Clysters op een feestje en is daar opgepakt en later weer vrijgelaten bij gebrek aan plaats in de gevangenis. Met dit gezwets heeft de Belg dus Loewak plat gekregen.
Goede poëzie schrijven is 1, die vervolgens oneigenlijk gebruiken om paus te spelen dat is iets anders.